Ingebrekestelling. Verplicht of niet?
IBG Geurt • 1 juni 2026

Iedereen die ondernemer is kent het wel. Facturen die nog niet betaald zijn na de betalingstermijn. Natuurlijk gaan we bellen en sturen wij een herinnering, maar ben je ook verplicht om een ingebrekestelling te zenden?


Ingebrekestelling en verzuim

De ingebrekestelling is een schriftelijke aanmaning van de schuldeiser aan de schuldenaar om binnen een redelijke termijn een verplichting uit de overeenkomst alsnog na te komen.

In principe moet je als schuldeiser eerst een ingebrekestelling versturen anders is uw klant niet in verzuim. Maar u hoeft niet altijd een ingebrekestelling te sturen naar uw debiteur. Dit als blijkt dat de nakoming vanuit een overeenkomst gewoonweg niet mogelijk is of als uw debiteur al aangeeft niet te gaan/kunnen betalen. 


Ook bij een B2B overeenkomst waarin duidelijk fatale termijnen staan vermeld en uw klant betaald niet tijdig, hoeft u geen ingebrekestelling te zenden. Wij adviseren het echter om zekerheidshalve dit toch te doen. U staat dan sterker bij een eventuele gerechtelijke procedure.


Wat als je geen ingebrekestelling hebt verzonden aan je debiteur?

Als je dat niet gedaan hebt, en het had wel gemoeten, dan heb je de debiteur dus niet juridisch correct in gebreke gesteld. Wat is dan het gevolg tijdens een eventuele gerechtelijke incasso-procedure? Dat de tegenpartij geen buitengerechtelijke kosten of vertragingsrente hoeft te betalen. Deze kosten komen dus allemaal voor uw rekening als schuldeiser. Zonde en ook vaak kostbaar. Ook kan er geen schadevergoeding gevorderd worden op grond van wanprestatie.


Kortom, stuur altijd een ingebrekestelling naar uw debiteur. IBG Creditmanagement kan dit voor u doen. Het mes snijdt dan aan twee kanten.

A. u stuur een juridisch correcte ingebrekestelling en

B. Omdat het op ons briefpapier is geldt vaak het principe, vreemde ogen dwingen. Vaak wordt er dan alsnog betaald en hoeft er geen incasso-procedure te volgen. 

IBG Creditmanagement uit Doetinchem. Hét incassobureau voor uw zakelijke B2B vorderingen. 

Meer nieuws

17 maart 2026
Wki/Bki en IBG Creditmanagement: geen incassozaken meer op particulieren. Per 2024 is de nieuwe wet Wki / BKI (Wet kwaliteit incassodienstverlening) van kracht. Hierin staat dat incasso-organisaties aan bepaalde voorwaarden moeten voldoen als zij namens hun opdrachtgevers vorderingen proberen te incasseren o p particuliere personen en entiteiten. Vanwege de toenemende wet- en regelgeving en regeldruk vanuit de overheid, hebben wij besloten vanaf 2025 geen incassozaken meer aan te nemen op particulieren debiteuren en entiteiten. 
17 maart 2026
Laatst sprak ik een ondernemer via een van de eerste netwerkbijeenkomsten die ik mocht bezoeken. Een aardige jonge vent die al enige jaren meeloopt. Nu had ik eens tijd om wat langer met hem te praten. Tijdens het gesprek ving ik op dat hij “failliet” was verklaard in het verleden terwijl hij een goed lopend bedrijf had. Heel vervelend voor hem, maar ik wilde wel graag weten wat er was gebeurd.  Ik vroeg hem of hij eens met mij wilde praten over hoe dat in zijn werk is gegaan. Niet omdat ik nieuwsgierig ben hoe hij in de ellende is geraakt, maar om te laten zien aan andere ondernemers dat zoiets altijd kan gebeuren. Hij stemde ermee in. Hij was destijds 30 jaar en liep al enige jaren mee als “oproepkracht” bij een beveiligingsbedrijf. Zoals het zo vaak gaat met mensen die lang in het vak zitten, bekroop hem het gevoel dat hij het beter kon. En hij had gelijk. Hij begon voor zichzelf en had mooie opdrachten. Daarnaast had hij 2 vaste mensen in dienst en diverse oproepkrachten. Zijn medewerkers stonden zo goed bekend dat ook andere beveiligingsbedrijven personeel van hem wilden inlenen. Dat werd dan ook gedaan. Dat ging een klein jaar goed, maar toen begon de ellende.
17 maart 2026
Als een bedrijf failliet gaat en er zijn nog schulden, in welke volgorde worden de schuldeisers uitbetaald? Dat ligt aan het type schuldeiser. Hier een summiere opsomming. Bijzondere schuldeisers (separatisten) 1e rang: boedelvorderingen 2e rang: preferente vorderingen  3e rang: concurrente vorderingen